Zuurstofplanten

1. Zuurstofplanten

Groeien "kopje onder" en geven zuurstof af aan het vijverwater. Deze zuurstof is levensnoodzakelijk voor de vissen en voor de bacteriële afbraak van organisch materiaal zoals plantenresten en overtollig visvoeder. Wil u een heldere en gezonde vijver, dan mag u hierop zeker niet bezuinigen. Vier tot zes bosjes per 1000 liter water is het absolute minimum.
Voorzie elke vijver van meerdere soorten zuurstofplanten.

Naast zuurstofproducenten zijn deze planten ook snelle groeiers. Ze nemen veel voedingsstoffen (nitraat, fosfaat) op uit het water en helpen zo algengroei voorkomen. Dit vereist evenwel een goede waterkwaliteit. Vooral de hardheid van het water is zeer belangrijk voor zuurstofplanten.

Sommige zuurstofplanten geven stoffen af die de groei van algen remmen. Dit verschijnsel wordt "allelopathie" genoemd en is bekend bij onder meer vederkruid (Myriophyllum) en waterpest (Elodea). Dergelijke planten zijn uiteraard sterke aanraders voor elke vijver.

Nota: fotomateriaal en de beschrijving van alle waterplanten vind je in onze
rubriek BOTANICA

TIP/ alle zuurstofplanten zijn vrij fragiele planten buiten het water.
Verhandel ze zo snel mogelijk en zorg ervoor dat ze niet uitdrogen.


Soorten zuurstofplanten:

1.     fonteinkruid (Potamogeton)
2.     waterpest (Elodea, Egeria)
3.     hoornblad (Ceratophyllum)
4.     waterviolier (Hottonia)
5.     vederkruid (Myriophyllum)
6.     waterranonkel (Ranunculus)

1. FONTEINKRUID(Potamogeton)

   

Vrijwel alle soorten fonteinkruid zijn uitstekende zuurstofleveranciers en groeien snel. 
Eén of meerdere soorten fonteinkruid zijn dan ook onmisbaar in elke vijver. Om woekeren te vermijden, aanplanten in mandjes gevuld met Aqua Natura Vijverlava  of met Aqua Natura Vijverpotgrond.
Gekroesd fonteinkruid (Potamogeton crispus) is de makkelijkste soort die nagenoeg overal in de wereld voorkomt.
De belangrijkste eigenschappen en vereisten:








Blad:

·        grootte: tot 12 cm lang en 4 cm breed
·        vorm: smal, lancetvormig tot langwerpig, licht tot sterk gegolfd (P. crispus)
·        kleur: donkergroen tot bronsgroen (P. perfoliatus)
·        nerven: netvormig (P. lucens) tot duidelijk parallelnervig (P. perfoliatus)
·        bladeren ondergedoken (uitzondering is P. natans) en vaak bedekt met een  laagje kalk

Bloei:

·        van juni tot september
·        geelgroene tot groenbruine, kleine aren (tot 6 cm) die iets boven het water uitsteken
·        typisch geel stuifmeel dat drijvende plekken op het water vormt

Standplaats:

·        zon tot halfschaduw
·        bladeren blijven frisgroen tot donkergroen in halfschaduw
·        in volle zon worden bladeren bleker en bruiner (bronsachtig)

Diepte:

·        van 30 cm tot 100 cm diep
·        geschikt voor middelgrote en grote vijvers

Waterkwaliteit:

·        helder, vrij hard (kalkrijk) en iets ijzerhoudend water
·        te voedingsrijk water (teveel stikstof) kan de plant doen afsterven

Winterhardheid:

·        fonteinkruid overleeft makkelijk de winter dankzij de vorming van een wortelstok en winterknoppen van waaruit de plant snel teruggroeit in de lente
·        tot – 20°C

Vermeerderen:

·        voorjaar: 20 cm lange toppen planten inAqua Natura Vijverpotgrond
·        nazomer/herfst: een stuk wortelstok met winterknop afbreken en verankeren metAqua Natura Vijverlava

Soorten:

·        glanzend fonteinkruid (P. lucens)
·        gekroesd fonteinkruid (P. crispus)
·        drijvend fonteinkruid (P. natans)
·        dichtbladig fonteinkruid (P. densus)
·        doorgroeid fonteinkruid (P. perfoliatus)
·        langstelig fonteinkruid (P. praelongus)
·        rossig fonteinkruid (P. alpinus)
·        stomp fonteinkruid (P. obtusifolius)

2. WATERPEST(Elodea, Egeria)

   

In de eerste helft van de negentiende eeuw is deze plant uit Noord-Amerika in Europa ingevoerd en heeft zich zeer snel "als de pest" over ons hele continent verspreid. Kenmerkend zijn de snelle groei en het uitstekende reinigende vermogen: waterpest neemt zeer veel voedingsstoffen op uit het water en helpt zo algengroei voorkomen. Bovendien scheidt waterpest stoffen af die de groei van algen belemmeren.

Bij waterpest is van een echt "wortelgestel" geen sprake. De plant kan kleine, afzonderlijke worteltjes vormen op elke knoop en over de hele lengte van de plant. Dit maakt het planten in grond lastig. Beter is het, gelet op de snelle groei, om de plant gewoon te verankeren in Aqua Natura Vijverlava,  in mandjes of los op de vijverbodem.
Typische eigenschappen en vereisten van deze zuurstofplant zijn:

Blad:

·        langwerpig: ongeveer 2 cm lang en 3-4 mm breed
·        krullen kommavormig naar de stengel toe
·        staan dicht op elkaar, in kransen van drie blaadjes, op een sterk gelede stengel die vertakt en verschillende meter lang kan worden

Bloei:

·        van eind mei tot begin september
·        onbeduidende paarsgroene bloempjes van nauwelijks enkele millimeter groot, op een bloeisteel boven water

Standplaats:

·        zon: veel licht is nodig aangezien de plant meestal vrij diep staat

Diepte:

·        van 40 cm tot 100 cm diep
·        geschikt voor alle vijvers (op voorwaarde dat regelmatig uitgedund wordt)

Waterkwaliteit:

·        helder water, rijk aan voedingsstoffen
·        te zacht en te zuur water is een belangrijke oorzaak van slechte groei

Winterhardheid:

·        de plant verdwijnt grotendeels maar overwintert met een bebladerde wortelstengel die winterknoppen draagt en op de vijverbodem ligt
·        tot – 5°C

Vermeerderen:

·        gewoon een stuk afbreken en verzwaren met een steen of verankeren met Aqua Natura Vijverlava
·        elk stuk krijgt wortels en groeit gewoon verder

Soorten:

Het onderscheid tussen de verschillende soorten is niet eenvoudig: door een verschillend aanbod aan licht en voedsel kunnen de blaadjes van eenzelfde soort er volledig anders uitzien. Bij veel licht en voedingsstoffen staan de blaadjes dicht op elkaar en zijn ze groen, in armere omstandigheden is de plant schraler en de bladeren bleker.

·        Argentijnse of Braziliaanse waterpest (Egeria densa)
       
·       bladtop iets toegespitst
        ·       in bladoksels: twee kleine ovalen schubben

·        brede of Canadese waterpest (Elodea canadensis)
        ·       bladtop stomp tot licht afgerond
        ·       bladeren aan de stengeltop overlappend tegen elkaar

·        smalle waterpest (Elodea nuttallii)

·        Afrikaanse waterpest (Lagarosiphon major)

3. HOORNBLAD(Ceratophyllum)

   

Deze zuurstofplant vertoont als geen ander kenmerken van een onderwaterplant. Ze heeft geen wortels al kunnen een paar bleke scheuten wel voor verankering op de vijverbodem zorgen en de bevruchting gebeurt in het water, wat zelfs voor onderwaterplanten vrij uitzonderlijk is.

Hoornblad zweeft veelal los in het water en breekt makkelijk wanneer het uit het water wordt gehaald. Verankeren met behulp van Aqua Natura Vijverlava  kan aangeraden zijn aangezien losse planten vaak aan het wateroppervlak komen drijven en dan té veel licht krijgen.

Deze zuurstofplant zou in geen enkele vijver mogen ontbreken omdat hij veel zuurstof afgeeft en leeft van hetzelfde voedsel dat algen verkiezen. Hij biedt ook bescherming aan jonge vissen.

Blad:

·        frisgroen tot donkergroen, ongeveer 3 cm lang
·        gevorkt en zéér diep ingesneden, bestaande uit verschillende dunne, stijve en makkelijk breekbare "naalden"
·        staan op regelmatige afstanden uit elkaar op de stengel, in pluimvormige kransen
·        voelt bij C. demersum ruw aan door de twee rijen kleine doorntjes op het blad

Bloei:

·        niet algemeen: alleen in warme en zonnige omstandigheden
·        onbeduidende, groene bloempjes in de bladoksels
·        kleine, gestekelde vruchtjes

Standplaats:

·        schaduw tot halfschaduw: deze plant is dermate goed aangepast dat ze met weinig licht veel zuurstof produceert
·        direct zonlicht leidt tot vergeling en het uit elkaar vallen van de plant

Diepte:

·        voorkeur voor diep water (50-150 cm)
·        onder het wateroppervlak kan ook, op voorwaarde dat de plant geen direct zonlicht krijgt

Waterkwaliteit:

·        helder water, mag rijk zijn aan voedingsstoffen
·        te warm en te zuur water is een belangrijke oorzaak van slechte groei

Winterhardheid:

·        de plant overwintert met winterknoppen die omgeven zijn door een hele reeks gedrongen, dicht op elkaar staande bladkransen, gevuld met zetmeel; de winterknop komt los van de plant en blijft op de bodem liggen tot in het voorjaar
·        tot – 10°C

Vermeerderen:

·        gewoon een stuk afbreken en verzwaren met een steen of verankeren met Aqua Natura Vijverlava
·        kan gedurende het hele groeiseizoen

Soorten:

·        gedoornd hoornblad (Ceratophyllum demersum)
·        ongedoornd hoornblad (Ceratophyllum submersum)
         ·       Gedoornd hoornblad heeft kleine tandjes of "doorntjes" op de bladeren waardoor deze ruw aanvoelen, en bovendien dragen de vruchtjes stekels.
         ·       Dit is bij ongedoornd hoornblad niet het geval.

4.WATERVIOLIER(Hottonia)

   

Sommige mensen beschouwen deze plant eerder als een moerasplant. Dit komt omdat ze in eerder ondiep water groeit, ook boven water bladeren vormt en makkelijk verlandt, d.i. vanuit de vijver verder groeit op het land. Indien u ervoor kiest om ze in de moeraszone aan te planten, gebruik dan Aqua Natura Vijverpotgrond.

Als zuurstofplant groeit de waterviolier in niet al te diep water. Veranker ze daarom niet op de vijverbodem, maar laat ze los onder het wateroppervlak zweven. De fijn gedeelde onderwaterbladeren functioneren dan als goede zuurstofleveranciers, terwijl de bloeiaren met witte of lila bloemen het esthetische aspect uitmaken.

Blad:

·        bladeren onder en boven water hebben een verschillende vorm:
·       onder water: lichtgroen, fijn gedeeld en geveerd (diep ingesneden), in kransen of alternerend (spiraalgewijs) op de stengel
·       boven water: klein, lang en smal, in kransen op de bloemsteel
·        wintergroen: doen zelfs onder het ijs nog aan fotosynthese en zorgen zo voor de productie van belangrijke zuurstof

Bloei:

·        in mei-juni, enkel op planten die onder water groeien (niet op de verlande vorm)
·        witte tot lila bloemen, per 3-8 gegroepeerd op een circa 40 cm lange bloemsteel
·        na de bestuiving door insecten buigt de stengel door: het zaad rijpt onder water in ronde, groene vijfkleppige vruchten

Standplaats:

·        zon tot halfschaduw: hoe meer zon, hoe rijker de bloei
·        evenwel opletten: niet teveel zonlicht want de plant houdt niet van warm water

Diepte:

·        voorkeur voor ondiep water (30-50 cm)
·        indien de plant in de moeraszone wordt aangeplant, wordt ze 15 cm hoog

Waterkwaliteit:

·        helder water, mag tamelijk rijk zijn aan ijzer en aan fosfaat (belangrijk voor de bloei) maar niet aan stikstof (plant sterft af !)
·        verkiest iets zuurder water dan de meeste zuurstofplanten, rijk aan koolzuurgas, om ook tijdens de winter voldoende ijzer te kunnen opnemen (van belang voor fotosynthese ’s winters)

Winterhardheid:

·        zeer winterhard (tot – 20°C): blijft tijdens de winter groen, aan fotosynthese doen en zuurstof produceren
·        de plant kan ook winterknoppen vormen aan lange uitlopers; deze winterknoppen rusten ’s winters op de vijverbodem en groeien in de lente opnieuw uit

Vermeerderen:

·        gewoon een stuk afbreken en apart in het water gooien
·        in de moeraszone: een uitloper en/of winterknop planten in Aqua Natura Vijverpotgrond
·        kan gedurende het hele groeiseizoen

Soorten:

·        waterviolier (Hottonia palustris)

5. VEDERKRUID(Myriophyllum)

   

Er zijn ongeveer 40 soorten waarvan er vier geschikt zijn voor vijvers in ons klimaat. Net zoals de waterviolier vormen sommige soorten, zoals parelvederkruid en kransvederkruid, zowel onder als boven het wateroppervlak bladeren. Boven water vormt de plant anders gevormde, minder diep ingesneden bladeren en groeit de plant zelden hoger dan 25 cm.

Vederkruid staat ervoor bekend bepaalde stoffen af te scheiden die de groei van draadalgen afremmen. Dit maakt van deze plant niet alleen een goede zuurstofplant, maar vooral ook een natuurlijk en dus niet altijd feilloos hulpmiddeltje in de strijd tegen algen. Plant vederkruid in Aqua Natura Vijverpotgrond.

Er zijn ongeveer 40 soorten waarvan er vier geschikt zijn voor vijvers in ons klimaat. Net zoals de waterviolier vormen sommige soorten, zoals parelvederkruid en kransvederkruid, zowel onder als boven het wateroppervlak bladeren. Boven water vormt de plant anders gevormde, minder diep ingesneden bladeren en groeit de plant zelden hoger dan 25 cm.

Vederkruid staat ervoor bekend bepaalde stoffen af te scheiden die de groei van draadalgen afremmen. Dit maakt van deze plant niet alleen een goede zuurstofplant, maar vooral ook een natuurlijk en dus niet altijd feilloos hulpmiddeltje in de strijd tegen algen. Plant vederkruid in Aqua Natura Vijverpotgrond.

Blad:

·        bladeren onder en boven water hebben een verschillende vorm:
         ·       onder water: donkergroen, fijn gedeeld en in de vorm van een vogelveer (diep ingesneden), in kransen aan de stengel
         ·       boven water: helder groen tot bronsgroen, veel minder fijn gedeeld (visgraatstructuur), in kransen
·        wintergroen: doen zelfs onder het ijs nog aan fotosynthese en geven zo jaarrond zuurstof af
·        in iets zuurder water kan het blad lichtbruin verkleuren

Bloei:

·        van juni tot augustus, op bloeiaren die boven het water uitsteken
·        kleine, roodgroene bloempjes zitten in de oksels van schutbladen, in kransen van vier of zes (mannelijke bloemen bovenaan de aar, vrouwelijke onderaan); bloemblaadjes nauwelijks zichtbaar of afwezig
·        bij kransvederkruid: geelachtige bloempjes

Standplaats:

·        zon tot halfschaduw: hoe dieper de plant staat, hoe meer zonlicht nodig is
·        liefst in open water omwille van hun snelle groei

Diepte:

·        parelvederkruid: 20-40 cm
·        andere soorten: 40-100 cm

Waterkwaliteit:

·        water mag iets zuurder zijn dan voor de meeste andere zuurstofplanten
·        in licht zuur water kan de bladkleur naar lichtbruin neigen: van geen belang voor gezondheid van de plant
·        voldoende hardheid (mineralen in het water) is belangrijk

Winterhardheid:

·        parelvederkruid is matig winterhard (tot –5°C): bedekken met een plastic en verzwaren met een steen zodat de plant minstens 40 cm diep onder water ligt of, indien de plant in mandjes staat, de mandjes dieper zetten
·        andere soorten zijn winterhard (tot – 20°C) dankzij overblijvende wortels of, zoals bij kransvederkruid, dankzij donkergroene winterknoppen die in bladoksels of aan het eind van de scheuten worden gevormd

Vermeerderen:

·        bij voorkeur in juni
·        de stengeltop (lengte 20 cm) afbreken onder de knoop en aanplanten in Aqua Natura Vijverpotgrond

Soorten:

·        aarvederkruid(M. spicatum)
·        parelvederkruid(M. aquaticum, M. proserpinacoides, M. brasiliense)
·        teer aarvederkruid(M. alterniflorum)
.        kransvederkruid(M. verticillatum)

 

ANDERE SOORTEN:

•Ranunculus aquatilis - Waterranonkel
•Crassula helmsii  - Naaldkruid : deze plant is wintergroen en groeit soms sneller in de winter dan in de zomer. Een prima zuurstofplant die soms kan gaan woekeren.
•Fontinalis antip 

 

Links