| 
|
Naam | Actinidia kolomikta Actinidia is afgeleid van aktinidion (kleine straal) Dit vanwege de vele stijlen die samen een stralende ster
vormen. |
Nederlandse naam | Straalstempel |
Familie | Actinidiaceae |
Herkomst | Noord-China, Japan, Mantsjoerije |
Categorie | Bladverliezende klimplant.
|
Hoogte | 2-4 m |
Blad | hartvormig, breed elliptisch tot omgekeerd eirond,
grof getand. Donkergroen.
De bovenste helft is roomwit later rozerood.
Dofgele herfstkleur.
|
Bloei | Klein, wit, licht geurend. Mannelijke en vrouwelijke
staan aan verschillende planten. Bij vrouwelijke
exemplaren kunnen zich kleine ovale vruchten vormen.
Het is echter een mannelijke vorm die meestal wordt
aangeboden, waaraan geen vruchten verschijnen.
|
Bloeitijd | juni- juli
|
Standplaats | Een zonnige, beschutte plaats in voedselrijke en humus-
rijke grond. Mooi op een beschutte plek tegen een muur.
|
Algemene kenmerken | Slanke, bladverliezende, langzaam groeiende slingerplant
die vooral omwille van het bladeffect wordt gebruikt.
Een ideale klimplant voor een zonnige muur, pergola,
klimrek.
Het jonge blad is roodachtig groen en verkleurt naar
heldergroen met witte of dieproze vlekken.
De licht geurende kleine bloemen met lichtgele meel-
draden verschijnen eind voorjaar, begin zomer en worden
gevolgd door kleine vruchten.
Het blad krijgt de mooiste kleur in een koel-gematigd
klimaat.
Jonge planten doen er een paar jaar over om het
bladeffect te produceren (3-5 jaar)
|
Snoeien | Eind winter of begin lente. |
Vermeerderen | Door afleggen of halfverhoute stekken nemen in de
zomer |
| 

|